
Op het moment van schrijven, twee weken na aankomst in Nederland, heb ik verbazingwekkend snel mijn draai weer kunnen vinden. En dat terwijl ik ruim twee maanden in een totaal andere wereld heb geleefd en gewerkt.
Het is zo fijn om weer thuis te zijn: m’n vrienden & familie zien, Europees eten en voorzien zijn van alle gemakken en luxe.
Na het schrijven van het laatste bericht vanuit Ghana, hebben we in de daaropvolgende week ons vrijwilligersproject afgerond en hebben we in de week daaropvolgend de Ghanese kustlijn afgereisd.
Het afscheid nemen van het weeshuis deed me meer dan het afscheid nemen van ons gastgezin. Temeer omdat ik voor m’n gevoel sneller een band met de kinderen heb opgebouwd dan met onze “familie-leden”. Het ging allemaal erg snel, waardoor ik pas in de laatste week daadwerkelijk realiseerde dat ik bezig was met de terugreis en dus die kleine koters niet meer terug zou zien. Maar met de wetenschap dat ze in goede handen waren, was het geen verkeerd gevoel.
Tijdens onze laatste week rondreizen door Ghana hebben we Cape Coast aangedaan: een erg rommelig ogend kustplaatsje waar veel geschiedenis is geschreven. Elmina, een ander idyllische kustplaats even verderop, heeft echter meer geschiedenis geschreven. Hier bevind zicht Fort Georga, ook bekend als St. Georga Castle, het oudste, nog steeds overeind staande Europese gebouw in West-Afrika. Het Portugese kasteel stamt al uit 1482 en is van alle forten het oudste en best bewaarde fort. Niet veel later heeft Nederland dit kasteel gekocht. Het is interessant en tegelijkertijd triest om te horen hoe de kasteeleigenaren, en dan met name de Nederlanders, zich bezighielden met slavenhandel. Oude plakaten met (oud) Nederlandse teksten verwijzen naar die aanwezigheid van de Nederlanders in die tijd.
Hoe de slaven behandelt werden en gevangen gezeten hebben heeft meer impact op me gemaakt dan ik van te voren verwacht had. De smalle en nauwe kamers/kelders hielden soms wel meer dan 150 slaven. Hierin zaten ze in rijen van vijf vastgeketend, waarvan één of meerdere te zwak waren om te lopen. In diezelfde ruimte kregen de slaven tweemaal per dag te eten en moesten ze hun behoefte doen. En dat allemaal terwijl ze daar tot wel drie maanden zittend op de grond moesten wachten totdat ze verhandelt werden.
Het voelt vreemd om te weten dat onze voorouders ze waren/gehandeld hebben in die tijd. Tijdens de rondleiding kreeg ik zelfs even het gevoel dat er met vingers naar ons gewezen werd.
In diezelfde week heb ik mijzelf ook heel anders gevoeld… één van die momenten was tijdens de Canopy-Walk. Een wandeling op touwbruggen midden in het tropisch regenwoud op een duizelingwekkende hoogte van maar liefst 30 meter! Die eerste stappen op de iets wat glibberige touwbrug, het had kort daarvoor nog geregend, waren onbeschrijfelijk. Wat een adrenaline-stoot kreeg ik toen ik de eerste brug overstak. Schokkerig en wiebelig dat wel, maar het voelde desalniettemin erg stevig en solide.
De periode in Ghana is voor mij het bewijs geweest dat veel dingen in het leven te relativeren zijn. Zo ben ik heel erg blij dat ik beide ouders nog heb, in tegenstelling tot de weeskinderen waarmee ik gewerkt heb. Maar ook dat ik blij mag zijn met de luxe waarmee we in Nederland leven: de zekerheid van (betrouwbaar) stroom en (schoon) water.
zondag, 20 juli 2008

Zoals vorige week beloofd zou ik nieuwe foto’s onine plaatsen, daarom onderstaande koppelingen naar de foto’s van Marieke en ik. Komend weekend staat er weer een hoop op de planning. Vanaf donderdagochtend zullen we naar het noorden van Ghana reizen om daar het Mole National Park te bezoeken. In Larabanga, een plaatsje vlakbij, staat de oudste moskee van West-Afrika. Ook blijkt er een mysterieuze steen te zijn die men tijdens het aanleggen van een snelweg niet verwijderen konden, en dus de weg eromheen aangelegt hebben. Een uitgebreid verslag van dat weekend en nog meer… volgende week!

woensdag, 18 juni 2008

Afgelopen weekend was een weekend vol superlatieven. Althans zo hadden we het gepland. Een verblijfplaatst vlakbij de hoogste berg van Ghana: Mt. Afajato, een bezoek aan het grootste kunstmatige meer ter wereld: Lake Volta en een verfrissende douche onder de hoogte waterval van West-Afrika: Wli (Agumatsa) Falls.
Vrijdagochtend zijn we vroeg opgestaan om in Mampong de TroTro van 06.00 uur richting Kumasi te nemen. Vanuit daar hebben we de STC-Bus (Intercity Bus) naar Accra genomen: daar waar het allemaal begon. Tijdens deze rit hebben we een flinke vertraging opgelopen waardoor we de aansluitende STC-Bus naar HoHoe, onze uiteindelijke bestemming, gemist hebben. Met een TroTro zijn we rond 18.00 uur naar HoHoe vertrokken om daar met een aparte nachtelijke rit van veel hobbels en kuilen om 23.00 uur aan te komen. Met name de laatste rit in de TroTro was erg oncomfortabel. Achterin met opgevouwen benen op een verhoging zittend, in een vijf uur durende rit, tezamen met 30 Ghaneese bleek niet bevordelijk voor ons humeur.
De volgende ochtend zijn we samen met onze vaste reisbuddies Bobbi & Willemieke naar de Wli watervallen geweest. De rit er naar toe was adembenemend. Overal waar ik keek zag ik prachtige groene heuvels en bergen met hier en daar rotswanden. Gigantische bomen kwamen steeds vaker voorbij: een teken dat we dieper het tropisch regenwoud in gingen.
Eenmaal aan de voet van de berg aangekomen, bracht een tourguide ons via een ruim 45 minuten durende wandeling door de bush naar de waterval. Door de apparte, iets wat muffe geur, leek het even alsof ik in Arnhems Burgers Bush was beland… maar dan echt! We kruisden een rivier over welke rechtstreeks uit buurland Togo komt, vervolgens meerdere keren dezelfde beek welke zijn oorsprong heeft vanaf de waterval. Het geruis van het vallende water wordt steeds duidelijker en het geluid van de honderden, misschien wel duizende, vleermuizen zwelt aan. Te voelen aan de vochtigheid die ons tegemoet komt waaien is het duidelijk dat we de waterval naderen.
Daar stonden we dan… oog in oog met dit gigantische natuurgeweld. Wat een lekker gevoel om door het opstuivende water gekoeld te worden. Het water was ijskoud, maar dat weerhield ons niet om er in te gaan dobberen. Eerst alleen met onze voeten, daarna toch maar geheel erin. Samen met Bobbi, want Marieke vond het water te koud, zijn we tot bijna onder de waterval gaan staan. Je voelt je heel erg klein bij de gedachtte dat je onder een 200 meter hoge waterval staat. Maar het gevoel van euforie overheerste ons.
De volgende dag, zondag, was het in de planning om de Akosombo Dam te bezoeken. Deze dam houdt het grootste kunstmatige meer ter wereld tegen, bekend als Lake Volta. Echter raakte onze plannen totaal in de war toen we, na het tellen van het geld, besefte dat we maar net genoeg hadden om enkel nog terug naar Kumasi te kunnen gaan. Er zat niks anders op dan het bezoek aan Lake Volta uit te stellen tot de laatste week in Ghana.
Iets heel anders. Afgelopen donderdag hebben we heel schattig bezoek gehad van twee kindjes uit het weeshuis. Ik had Baasoyire meegenomen en Marieke Mozes. Van het weeshuis hadden we kleding meegekregen. Voor ieder een leuk pakje. Heel lief hebben we ze bij ons thuis in de middag laten spelen totdat ze van moeheid door enthausiasme in slaap vielen. Baasoyire viel letterlijk in m’n armen in slaap: zo lief!
De foto’s zal ik ergens volgende week proberen online te plaatsen.
maandag, 9 juni 2008

Vrijdagochtend 30 mei zijn we wederom richting Kumasi vertrokken om daar tot en met maandag 2 juni te verblijven. Na een iets wat langzame trip, de bestuurder was pas sinds kort in het bezit van zijn rijbewijs, en een verdwaalde route naar het hotel, hebben we onze stille kamer in het Presbyterian Guesthouse kunnen betrekken. Voor maar 8GHC (Ghana Cedis) per nacht voor twee personen hebben we een kamer met ventilator en gedeelde badkamer. Dat is nog geen 2,50 Euro per persoon.
In de middag zijn we naar het Ghana National Cultural Centre geweest. Het park zag er mooi uit en het museum was klein maar interessant. Het beschreef de manier waarom de Ashanti-King woont en leeft.
De volgende dag, zaterdag, hebben we Ilana (Engels-Nederlands) & Kristina (Noorwegen) weer na 3 weken gezien. Erg leuk om hun verhalen en ennekdotes te horen. Hoe hun project en gastgezin is. We mogen erg blij zijn met ons gastgezin en ook de manier waarop ze met de kinderen omgaan in het weeshuis is vele malen beter: ze worden niet geslagen, hebben genoeg materiaal en er zijn voldoende faciliteiten. Samen met hun zijn we naar Lake Bosomtwi gegaan. Een uur durende en 50 pesowas kostende rit met veel geslinger en hobbel. Het laatste stuk naar het kratermeer hebben we met de taxi afgelegd. Het lijkt even alsof je ergens anders bent. Niet in Ghana maar ergens in Italie. Tien minuten van Abonu en een regenwoud verder komen we de heuvel over en ligt er een prachtig kratermeer aan de voet van de andere kant van de heuvel. Na een stuk gelopen te hebben aan het meer komen we aan bij een hotel. Mooi groen gras en iets dat lijkt op een strand. We durven niet verder het warme water in dan onze onderbenen. Bang dat we besmet raken door het water. Dan maar zonnen en relaxen op het gras. Na enkele minuten (15-20) zien we een aantal Amerikanen even verderop de boot instappen voor boottocht. We besluiten om te vragen mee te varen. Dat mag! Halverwege de tocht stoppen we voor een heerlijke duik in het water: “exiting & refreshing!” zoals de Amerikanen dat zo mooi kunnen zeggen. Ben blij dat we deze boottocht hebben gedaan, anders was de trip minder indrukwekkend geweest.
Op de terugweg pech gehad met de TroTro. Gelukkig hebben we over kunnen stappen op een andere. Bij aankomst in Kumasi zijn we langs een kledingmaker gegaan waar Bobbi en Willemieke jurken hebben laten maken. Toen ik een foto wilde maken met Marieke haar camera, liet ik per ongeluk haar fototasje in de greppel vallen. Om het te redden uit het stromende water besloot ik om erin te gaan staan. Niet wetend dat het vol met vies bruin modderige zooi lag, god weet wat allemaal, zakte mijn linker slipper, inclusief voet, naar beneden. Ik stond aardig voor lul! Zo aardig al de Ghaneese zijn kreeg ik een stuk stof aangeboden van de kledingmaker om het zo goed als het kon schoon te vegen.
De volgende dag, zondag: wedstrijd dag! Werkelijk de gehele dag stond in het teken van de wedstrijd. Na een goed ontbijt zijn we kaartjes gaan kopen. Welke begon om 5 uur. Erg mooi en groot stadion voor Ghaneese begrippen. We waren van plan om dezelfde shirts te kopen maar konden ze (nog) nergens vinden…
Terug in de stad was het nog steeds erg rustig en stil. Uit navraag bleek dat alle winkels inclusief cafes & restaurants gesloten zijn op zondag. Uiteindelijk hebben we bij het adres van Kristina kunnen lunchen. Op de weg daar naar toe konden we t-shirts kopen maar deze waren niet allemaal hetzelfde en veel te duur!
Na het eten en de hele dag wachten, was het dan eindelijk tijd voor The Match. Licht opgewonden en zenuwachtig propte we ons vijven in de taxi richting het stadion. Tijdens de rit merkte ik een man met Ghaneese vlaggen op langs de weg. Onze eerste slag was geslaagd. 5 vlaggen, 5 GHC! Niet bepaald zonder slag of stoten. Ten eerste kregen we er maar vier, ten tweede was de vijfde kapot. De taxichauffeur heeft heel aardig een extra grootte voor me geregeld.
Uitgestapt overwelmde de sfeer mij. Wat een goed gevoel! Mensen keken ons verbaasd aan en maakte zelfs foto’s van ons: heel appart, dat zijn we niet gewend. Meestal is het andersom. Werkelijk iedereen had wel iets van Ghaneese kleuren op en/of aan.
We hadden al een vlag, nu nog een t-shirt. Vergeleken met vanmorgen moest het nu niet al te moeilijk zijn om iets te kopen. Wat een hoop kraampjes. De shirtjes bleken meer dan de helft goedkoper! Het plaatje was nu helemaal af… temeer omdat ons shirt dezelfde achternaam als ons gastgezin draagt: Appiah.
Vooral bij een evenement als een voetbalwedstrijd merk ik hoe chaotisch en weinig gestructureerd de mensen in Ghana zijn. Maar gek genoeg werkt het toch allemaal. Het was dan ook een optimistische gedachte om te denken dat we vaste plaatsen zouden krijgen. Nadat onze kaartjes bij de controle tot snippers werden verscheurd, gelden de regel: wie het eerst komt, wie het eerst maalt. We hadden een prima plek vlakbij de middenlijn. Gezellig midden tussen de Ghanezen.
De volle 90 minuten werden temperamentvol, ritmisch en vol overgave uitgezeten. De gebeurtenissen om ons heen waren op z’n minst net zo boeiend als de prestaties van de spelers op het veld. Dansen, lachen, schreeuwen, duwen & trekken, muziek en eten… heel veel eten. Net als op de markt en op straat lopen ook hier in het stadion mensen, veelal vrouwen, met van alles en nog wat op hun hoofd: van ijsjes en drinken tot nootjes, popcorn en zelfs iets dat veel weg heeft van oliebollen.
Ghana was vele malen sterker dan Libie: eindstand 3-0. In de laatste 15 minuten worden de poorten open gezet voor publiek om enkele minuten gratis te mogen kijken. Vlakbij de in-/uitgang zittend konden we perfect aanschouwen hoe chaotisch dit verliep. Soms werd met harde hand ingegrepen wanneer iemand zijn uitzicht werd weg genomen. Maar meestal werd dit kenbaar gemaakt door simpelweg water naar de desbetreffende persoon te gooien. Een erg komisch gebeuren.
Op het moment van schrijven is het alweer begin juni… wat gaat de tijd toch snel. We zitten bijna op de helft maar ik zie het meer als een half vol glas, dan een half leeg glas. Ik bedoel het voelt meer als: jammer we zitten al op de helft en er is nog zoveel te zien en te ontdekken, dan als: pff eindelijk op de helft, wanneer mag ik naar huis.
Bekijk hier de foto’s van het weekend in Kumasi.
dinsdag, 3 juni 2008

Ik denk niet dat iedereen de weg naar onze foto’s kan vinden middels de koppelingen aan de rechterkant. Daarom onderstaande koppelingen naar de foto’s van Marieke en ik.

zondag, 25 mei 2008

Het werk wordt echt steeds leuker lijkt wel. Ik heb twee lievelingen. Het is de tweeling Asana & Fuseini van ongeveer 2-3 jaar. Het meisje (Asana) was in het begin erg stil en verlegen maar begint gelukkig steeds meer met mij op te trekken. Het jongetje is lekker ondeugend en lacht de hele dag. Maar in beide ogen zie ik een leegte. Gebrek aan liefde?! Waarmee ik natuurlijk niet wil zeggen dat onze Ghaneese collega’s onaardig zijn of slecht voor ze zorgen, maar de omgang met de kinderen is heel anders. Mensen uit Nederland zouden die omgang het beste kunnen omschrijven als lomp. Laat ik het erop houden dat ze er niet veel slechter op worden.
“Obroni (witte mens) how are you?” wordt ons hier constant toe geroepen. Inmiddels weten we wat we terug kunnen zeggen: “Obibini (zwarte mens) how are you?“. De reacties van de mensen hier - meestal kinderen - zijn dan verbaasd, met hun mond vol tanden, of lachen je hartelijk toe.
Het is gebruikelijk dat je hier mensen met zwaarden ziet lopen. Niet om mee te vechten uiteraard, maar om te kappen, maaien, snijden of hakken van gewassen. In Nederland zou je ermee opgepakt worden, maar in Ghana kun het beschouwd worden als het Zwitsers-zakmes.
Gisteren zijn we weer naar Kumasi geweest. Onderweg zijn we een hoop begrafenissen tegen gekomen. In Ghana wordt dit over drie dagen verspreidt. Van vrijdag tot en met zondag houden ze een begrafenis. Wat er precies op de drie dagen gedaan wordt weten we nog niet, wel hebben we gehoord dat het een aparte ervaring moet zijn. Hier leer je de echte Ghaneese cultuur kennen.
Ik heb al een aantal verzoeken gehad om het (post)adres van ons verblijf te geven. Onderstaand adres kan gebruikt worden om kaarten, brieven of andere post naar toe te versturen:
Theresa Anima
Saint Paul Cathedral Church
P.O. Box 54
Mampong/Ashanti
Ghana
Morgen, maandag 26 mei, is een speciale dag voor Ghana. Of beter gezegd Afrika. Dan wordt de onafhankelijkheid van het continent Afrika gevierd: Africa Independence Day. In Kumasi zullen meerdere festiviteiten gehouden worden net als in Nederland op Bevrijdingsdag. Samen met Bobbi zullen we naar Kumasi gaan. Ben erg benieuwd!
zondag, 25 mei 2008

Ik slaap in de nachten erg slecht en dat komt met name door m’n verkoudheid denk ik. Ik geloof dat het wel aan het afzwakken is. Heb ondertussen wel medicijnen kunnen halen.
Afgelopen weekend hebben we besloten om naar Kumasi - de twee na grootste stad van Ghana - te gaan. De weg daarheen leek wel een rollercoaster! De manier waarop ze hier rijden, inhalen, de rotonde nemen, remen, richting aangeven (of juist niet) - en ik kan zo wel even doorgaan - is niet bepaald standaard te noemen.
Vanuit het Mampong TroTro (mini-bus-taxi) Station hebben we een kaartje gekocht om naar Kumasi te rijden. Ik kan me herinneren dat tijdens de introductieweek ons verteld is dat Accra iets dergelijks betekend als mierenhoop. Kumasi is nog erger! De laatste stop was Kejetia Markt. De grootste markt van west-Afrika. Je moet hier niet claustrofobisch zijn om te kunnen lopen. Onbeschrijfelijk hoe veel Obibini’s (donkere mensen) bij elkaar. Door elkaar!
Kan het me nog zo goed herinneren: “Tss, you white people”. Geergerd sprak een donkere man deze zin uit toen wij, witte Nederlanders, even een beetje in de weg liepen. We wisten de weg niet en duidelijk gedesorienteerd hebben we een jongeman (Erik) uit dezelfde TroTro om de weg gevraagd. Hij was super vriendelijk en leide ons de goede weg. Hij was zelf zo fanatiek bezig, dat onderweg plotseling de zool van zijn schoen los begon te raken. We hebben hem daarom maar 1 Ghana Cedi gegeven voor de moeite.
De dag ging snel voorbij en hebben niet veel meer gedaan dan eten, om ons heen kijken en interneten. De weg terug was een stuk gemakkelijker. Alles loopt namelijk in Kumasi beneden naar een centraal punt: Kejetia Markt. Eenmaal beneden waren er TroTro’s in overvloed. Maar welke ging terug richting Mampong?! Na ongeveer driemaal doorverwezen te zijn kwamen we dan eindelijk aan bij het loketje. Niets meer dan een tent, tafel en wat papiertjes. 2 x Mampong 2,80 Ghana Cedis is ongeveer 2 Euro. Niks toch!
De terugreis was bijna net zo boeiend, zo niet boeiender, dan de heenreis. Mensen in de TroTro deden nog hun laatste boodschap via het raampje bij de verkopers buiten. Groeten bekenden of schreeuwde nutteloos zijn of haar frustratie uit naar medeweggebruikers. Apart. Weinig tot geen systeem lijkt er in de infrastructuur in Kumasi te zitten. Hier en daar wordt er een poging gedaan door een zogenaamde verkeerdregelaar.
Een ruime week verder en nu pas weet ik, denk ik te weten, hoe de samenstelling van de familie eruit ziet:
Theresa heeft een aantal dochters waarvan er twee bij haar thuis wonen. Eén daarvan heeft een man en zes kinderen: Rose (21), Angela (12), Obaaya (21), Mike (24), Rocky (19) en Little Brother (7).
Bovenstaande mensen wonen in hetzelfde huisen noemen wij ons gastgezin. Theresa heeft nog meerdere dochters/zonen. Hoeveel is ons niet bekend, net als hun verblijfplaats. Van één van de drie dochters bij ons bekend weten we dat ze verderop in de straat woont.
Zondag is Bobbi bij ons op bezoek geweest. We hebben haar tijdens de orientatieweek in Accra ontmoet en verblijft nu in een dorp een klein uurtje hier van Mampong vandaan.
Helemaal in haar eentje. En ze is pas 18 jaar. Knap hoor! We waren erg blij om te horen dat het goed met haar ging. Ze had wel toegegeven dat ze het soms wel even moeilijk had. Misschien ook wel logisch.
We hebben haar enthausiast “ons” Babies Home laten zien, de familie, het huis en een gedeelte van Mampong. Dat gedeelte bestond uit het gebied tussen ons huis en het internetcafé. Aan de verhalen en ervaringen van Bobbi te horen hebben wij het helemaal zo slecht nog niet.
Bobbi heeft geen douche maar een regenton met water. Een toillet is wel aanwezig maar blijkt minimaal. De dagen die ze maakt op school zijn lang en het is niet altijd even lekker maar wel altijd erg veel!
Betreft het eten is het bij ons niet veel anders. Soms lekker, soms minder lekker, maar wel altijd erg veel. Na het eten die dag hebben we wat spelletjes gespeeld met de kinderen van ons gastgezin. Het is grappig om te horen dat het hun opvalt dat wij, witte mensen, allemaal een camera bij ons hebben. Opzich hebben ze gelijk. Bij navraag bleken ze te denken dat wij deze camera’s ook ten alle tijden in het dagelijks leven gebruiken. Dat heb ik gelukkig kunnen weerleggen.
Het lijkt wel alsof ik met name in de nacht/avond last heb van de ziekteverschijnselen: met name hoesten. Zal het aan de lucht liggen? Of omdat het is donker is! Het blijft lastig en vreemd tegelijkertijd. Als het deze week aan blijft houden overweeg ik om even lang het ziekenhuis te gaan ter controle. Je weet maar nooit!
Niet alleen het hoesten hield me vannacht uit de slaap, maar ook de steeds erger wordende rugpijn speelt een rol. De hoofdrol was echt al weggegeven aan iets anders. Vannacht rond een uur of één besloot iemand een feestje te bouwen. Net als vorige week vrijdag. Men zegt thuis dat het van de kerk vandaan komt. Ik heb daar echter mijn twijfels over, want een mis of iets dergelijks worden immers niet in de nacht gehouden. Is het wel? Muziek op de achtergrond - ook al is het luid - is nog daar aan toe. Het hard schreeuwen/preken door een microfoon - met een te zwaar afgestelde bastoon - is waar ik mij aan erger en wat mij en waarschijnlijk ook Marieke van de slaap heeft weerhouden.
Ongeveer half zes in de ochtend stopte de festiviteiten en ik hoopte op nog een uurtje rust. Niks was minder waar. Het feestgeluid liep vrijwel naadloos over op het geluid wat vanuit de televisie in de kamer naast ons kwam. Om maar over de luidrugtige Ghaneese in de ochtend buiten te zwijgen. Maaha! Goedemorgen deze vroege ochtend.
woensdag, 21 mei 2008

In het vorige bericht ben ik vergeten te vermelden dat we naar de kerk zijn geweest. Op zaterdag werd ons verteld dat we verwacht werden aanwezig te zijn tijdens de mis op zondag. Ik wist eerlijk gezegd niet wat ik moest gaan verwachten. Het enige wat ik wist was dat het een lange zit zou gaan worden: 3 uur lang!
Je komt echt ogen te kort. Er gebeurd zo veel tijdens zo’n mis. Op zich is de mis niet veel anders dan die hier in Nederlandse Katholieke kerken wordt gegeven. Het enige verschil is dat alles met veel gevoel voor ritme wordt gedaan. Hiermee bedoel ik dat er geen gewoon, soms saai, koor staat te zingen maar een echt gospel koor. Mensen staan in de kerk omdat ze willen meezingen of dansen. Niet apart zou je denken, maar dat werd het wel toen m’n buurvrouw borstvoeding ging geven. Aangezien het zo’n lange zit is, is de kans groot dat je op zondagochtend in slaap sukkelt. Daar hebben ze iets op gevonden in Ghana: ik noem ze de blauwe mannetjes. Zij zorgen ervoor dat je een plekje krijgt wanneer je wat later komt, geloof me dat komt hier wel vaker voor, en zij zullen je zonder pardon wekken wanneer je in slaap gesukkelt bent.
In Ghana kun je wel meer aparte dingen verwachten. Zo zat en kroop er tot twee keer toe een onverwachtte verrassing in onze badkamer. De eerste keer was het een dikke harige spin en de tweede keer een lekkere lange duizendpoot. De spin zelf opruimen was natuurlijk geen optie. Daarom hebben we Yvonne gevraagd het beest te verwijderen. Met succes. Bewapend met een spuitbus om de langpoot te verdoven, een rechtervoet om hem knockout te trappen en een linkerhand om hem voorgoed uit de badkamer te verbannen. Voor de tweede keer hadden we een andere oplossing. We wilden natuurlijk niet overkomen als een stel slappelingen. Een emmer over het beestje heen was voldoende. Mission completed!
zaterdag, 17 mei 2008

Zoals verwacht is het echte avontuur dan ook echt begonnen! Inmiddels verblijven we alweer bijna een week bij ons gastgezin in Mampong. We werden met open armen (letterlijk) ontvangen door onze Ghanese moeder Theresa, nadat we door een van haar 4, 5 of 6 dochters (de samenstelling van de familie blijft ons nog steeds een raadsel) werden opgehaald op het kantoor van SYTO in Kumasi. Ik weet niet precies hoe ik me voelde, maar het gevoel is misschien te omschrijven als het wachten op een examen dat je moet gaan maken. Eenmaal kennis gemaakt met Yvonne (de dochter van Theresa) maakte dit gevoel plaats voor een ongemakkelijk gevoel: we wisten niet goed wat we tegen elkaar moesten zeggen of hoe we ons hoorde te gedragen.
Nog geen uurtje rijden van Kumasi en drie tropische regenwouden verder kwamen we in het mooie gelegen stadje Mampong aan. Bij aankomst waren Marieke en ik in de veronderstelling dat we beide een aparte kamer zouden krijgen, maar bleken naast de kamer ook de badkamer samen te moeten delen.
De eerste maaltijd was goed: spagetti met tomaten-uien-saus. De maaltijden die daarop volgde waren bereid met vis en dat deed onze magen niet goed. Tijdens de introductieweek is ons verteld eerlijk te zijn tegen je gastgezin betreft alles, zo ook over je eten. Nu krijgen we vooral kip, rijst, brood, bonen, spagetti, plantain (soort gebakken banaan) en yam (soort Hollandse aardappel).
Het weekend was leuk, verrassend en nieuw. De cultuur en de gewoontes zijn hier zo anders dan in Nederland. Zo is hard na elkaar praten, of beter gezegd schreeuwen, normaal. Zo ook het alleen eten in plaats van gezellig met het gehele gezin. Buiten in het zonnetje zittend kreeg ik de indruk dat de kinderen hier niet zoveel spelen. Zo probeerde Marieke en ik samen met de kinderen van ons gastgezin een kaartspelletje (ezelen) te spelen. Al snel kwamen veel kinderen uit de buurt kijken wat de Ubroni’s (witte mensen) aan het doen waren. Aparte ervaring, leuk dat wel!
Maandag, de eerste dag van de week en onze eerste werkdag in het weeshuis. Zaterdag haden we al een korte introductie gehad, maar vandaag zouden we dan echt aan de slag gaan. We hebben nog twee andere vrijwilligsters ontmoet: Sophie (20) uit Canada en Vilda (20) uit Noorwegen. Beide blijven hier voor 6 maanden en zijn nu met hun laatste 2 maanden bezig.
Al vanaf het eerste moment raak je min of meer verliefd op die kleine donkere kindjes. De iets oudere kinderen die al kunnen lopen, komen met opgeheven armen naar je toe gerend omdat ze opgetild willen worden. Daar doe je het toch voor! Oke toegegeven dat het er niet altijd even fris ruikt omdat de hygiensche voorschriften er duidelijk anders zijn, kan ik niet ontkennen dat we het erg naar onze zin hebben. Ondanks dat er wel wordt schoon gemaakt ligt er vaak plas op de grond. Ook stoppen de kindjes prulletjes van de grond in de mond en bestaan de luieren uit een doek aan de binnenkant met een plastic omhulsel.
In het Babies Home werken we met shifts. Zo worden we ’s-ochtends van ongeveer 08.00 - 12.00 uur en ’s-middags van 16.00 - 18.00 uur verwacht. Daar verzorgen we met name de baby’s: van wassen en verschonen tot voeden en spelen. Ik wist niet dat ik hier zoveel plezier in zou kunnen beleven.
Over plezier gesproken. Het is niet altijd even plezierig als de stroom weer eens is uit gevallen. Dingen die zo gebruikelijk thuis zijn, zoals stroom en water, zijn hier soms een hele dag of meer niet aanwezig. De uitval van stroom heeft denk ik vaak te maken met de grote regenbuien die we de afgelopen dagen hebben gehad. Geen korte hevig buien, maar soms hele avonden lang non-stop hevige regenbuien met omweer. Waneer er geen stromend water is zijn we genoodzaakt onszelf te douche met emmertjes water uit een regenton. Deze regenton staat in de badkamer en kunnen we zelf aanvullen met water uit de kraan.
Zometeen gaan we richting het weeshuis lopen (vanaf het internetcafe ongeveer een half uurtje) om aan onze middagschift te beginnen. Morgen krijgen we bezoek van Bobbi, een Nederlandse vrijwilligster die les geeft in dorpje driekwartier rijden van Mampong. We hebben haar tijdens de orientatieweek ontmoet en houden nauw contact met haar. Dit weekend zullen we naar Kumasi gaan en zal ik proberen wat foto’s online te zetten: hier mag geen camera op de computer worden aangesloten.
Bedankt voor al jullie lieve smsjes, telefoontjes en berichtjes op het weblog.
Dikke knuffel. Mis jullie!
donderdag, 15 mei 2008

Vandaag stond er een hoop op het programma. Niet alleen moesten we onze visum verlengen, deze is namelijk maar 2 maanden geldig en we zullen anderhalve week langer blijven, maar we hebben ook informatie gekregen met betrekking tot ons project.
Zo zullen er rond ons project een aantal dingen te bezichtigen zijn zoals een natuurpark en cultureelcentrum. Waarschijnlijk zullen we naast deze dingen vooral de zuidkust gaan bezichtigen. Daar zijn forten te vinden waar slaven werden gevangen genomen om vervolgens uitgezonden te worden naar andere landen.
Na het invullen van de formulieren voor verlenging van het visum hebben we een heerlijke lunch gehad bij een echte Engelse Pub. Het eten was erg lekker. We hadden een goede bodem kunnen leggen voor de middag, want we kregen les in Drum & Dance.
De groep werd in tweeen gedeeld, de ene groep begon met dansen de andere met drummen. Marieke en ik begonnen met dansen. Achteraf de beste beslissing want je gaat er gigantisch van zweten, althans ik wel! De les werd buiten in een hut gegeven. En toen we de pasjes eenmaal een beetje onder de knie hadden mochten we nog een keer oefenen. Vervolgens is de andere groep onze dans komen bewonderen en ik kan je vertellen dat was best grappig.
Na het dansen kwam het drummen. Ik had gisteren op het strand al wat kunnen oefenen. Samen met een Ghanees heb ik voor een klein half uur een jam-sessie gehad, maar of ik kan zeggen dat het iets heeft geholpen? Nee! Maar het was werkelijk waar een geweldige ervaring. Tijdens ons verblijf hier hebben we soms moeite gehad met de vele verschillende talen. Het is daarom heel mooi om te zien dat muziek een taal is die wel allemaal spreken, of beter gezegd allemaal verstaan.
Vanavond zullen we vroeg naar bed moeten. Morgen worden we om 06.00 uur verwacht klaar te staan voor vertrek richting Mampong - Kumasi. Best vroeg! Eerlijk gezegd vinden we het best spannend. Helemaal omdat je deze week als groep dingen hebt ondernomen. We staan er nu min of meer alleen voor. Gelukkig hebben we een hoop informatie gekregen en zijn we goed voorbereid.
Het (echte) avontuur kan beginnen!
donderdag, 8 mei 2008
Vorige Berichten